Wat schrijf je in een sinterklaaskaart
Een sinterklaasgedicht hoeft geen meesterwerk te zijn: vier regels die rijmen, één plagerig detail en een lieve laatste zin. Zo schrijf je een rijmpje of een kort kaartje voor 5 december, ook als je nog geen letter op papier hebt.
Sinterklaas zat op zijn paard te denken / wat hij jou dit jaar toch eens moest schenken. / Piet riep: 'Gewoon iets kleins, met een kaart erbij!' / Dus hier is hij dan: fijne pakjesavond, van mij.
Begin bij de ontvanger, niet bij de Sint. Kies één eigenaardigheid die iedereen herkent: de collega die altijd de laatste koffie neemt, het kind dat elke avond zijn schoen zet, oma die de pepernoten verstopt. Dat detail is de kern van het gedicht; de rest is rijm eromheen. Een sinterklaasgedicht mag plagen, maar eindigt altijd lief — de laatste regel is de echte wens.
Hou het kort. Vier tot acht regels in gepaard rijm (aa-bb) is genoeg voor een kaart, en Sint en Piet mogen altijd het woord nemen als jij vastloopt: 'Sinterklaas zat te denken…' is een klassieker omdat hij werkt. Geen zin in rijmen? Een gewone zin met 'fijne pakjesavond' en één persoonlijk detail doet het net zo goed.
Zo pak je het aan
Eén plagerig detail
Noem iets wat alleen van deze ontvanger is: de gewoonte, de hobby, het vaste grapje.
Rijm in paren
Twee regels die op elkaar rijmen (aa-bb), vier tot acht regels in totaal. Meer hoeft niet.
Laat de Sint praten
'Sint hoorde van Piet…' of 'Sinterklaas zat te denken…' geeft je meteen een opening.
Eindig lief
Plagen mag, maar de slotregel is de echte wens: fijne pakjesavond, veel plezier, dikke kus.
Korte sinterklaasgedichtjes
De schoen staat klaar, de wortel ligt erin, / de pepernoten zijn al op, maar dat is pas het begin. / Lieve [naam], je hebt je schoen al zo vaak gezet: / vanavond is het zover — veel plezier en veel pret!
Sint heeft het gehoord, van Piet en van de Pieten: / jij bent iemand van wie we allemaal genieten. / Daarom dit kaartje, klein maar oprecht: / fijne pakjesavond — je bent een kanjer, echt.
Geen surprise, geen cadeau in papier, / maar een kaartje van mij, en dat is nu hier. / Hou je schoen maar klaar en je deur op een kier: / fijne Sinterklaas en heel veel plezier!
Voor kinderen
Lieve Sem, Sint en Piet hebben gezien hoe goed jij dit jaar je best deed op school. Daarom ligt er vanavond iets in je schoen. Fijne pakjesavond!
Hoor je het gebonk op het dak? Dat is Piet, die wéér de schoorsteen zoekt. Veel plezier vanavond, lieve [naam] — groetjes van Sinterklaas.
Lieve [naam], je zong zo mooi bij de schoorsteen, / Sint kon het horen tot op de stoomboot, meteen. / Als dank ligt er vanavond iets kleins in je schoen — / fijne Sinterklaas, lieverd, en een dikke zoen!
Lieve [naam], Sint hoorde dat je zo flink je tanden poetst en zelfs je kamer opruimt (soms). Dat verdient een pakje. Veel plezier!
Voor de allerliefste kleuter van het land: / Sint zette iets lekkers bij je schoen aan de kant. / Pepernoten, een letter en nog iets erbij — / fijne pakjesavond, van Sint, Piet en van mij!
Voor collega's en bij de surprise
Sint hoorde van Piet dat jij op kantoor / altijd de laatste koffie pakt, en dat al jaren door. / Daarom bij deze surprise een kaartje van Piet: / een nieuwe pot zetten, dat kan toch ook, niet?
Lootjes getrokken, surprise in elkaar geknutseld, nu nog de tekst: fijne Sinterklaas, [naam]! Bedankt voor alle hulp dit jaar, en vooral voor de grappen bij het koffieapparaat.
Beste [naam], Sint en Piet weten alles — ook dat jij in elke vergadering als eerste 'nog één dingetje' zegt. Daarom dit cadeautje, met een knipoog. Fijne pakjesavond!
Van de hele afdeling, op deze pakjesdag: / bedankt voor je hulp en je aanstekelijke lach. / Sint en Piet zetten hun handtekening erbij — / fijne Sinterklaas, [naam], van ons allemaal, en van mij!
Kort & lief
Fijne pakjesavond! Veel pepernoten, veel gelach en een schoen die overloopt.
Fijne Sinterklaas! Geen rijm dit jaar, wel een dikke knuffel uit de verte.
Van harte een fijne Sinterklaas — met veel pepernoten en weinig taaitaai.
Fijne pakjesavond, lieverd. De Sint weet het ook: jij bent de liefste van allemaal.
Samen voor een collega of de juf
Lootjes getrokken, of een cadeau van de hele klas? Eén groepskaart waarin iedereen een regel schrijft, en een cadeau waar iedereen aan meebetaalt.
Veelgestelde vragen
Hoe schrijf je een kort sinterklaasgedicht?
Kies één detail over de ontvanger, schrijf er twee regelparen omheen die rijmen (aa-bb), laat Sint of Piet het woord doen als je vastloopt en eindig met de wens: fijne pakjesavond. Vier regels is genoeg voor een kaart; acht is al lang.
Wanneer stuur je een sinterklaaskaart?
Pakjesavond is op 5 december; in België viert men Sinterklaas op de ochtend van 6 december. Een digitale kaart komt in seconden aan, dus zelfs op de avond zelf ben je op tijd — handig voor familie in het buitenland en collega's die thuiswerken.
Wat schrijf je bij een surprise voor een collega?
Een rijmpje van vier tot acht regels met één herkenbare eigenaardigheid van de collega (het koffiegedrag, de vergaderzinnen), plagerig maar lief, en onderaan 'van Sint en Piet'. Tekenen jullie met het hele team? Maak dan één groepskaart waarin iedereen een regel schrijft.
Weet je niet wat je moet schrijven? Geen zorgen.
Geef de AI van Mojo Greet een paar details over diegene en hij schrijft in enkele seconden een warm, persoonlijk bericht — gratis, geen account.